(introductie)
Terug naar de Slag om de Ebro is een fotoproject over Evert Ruivenkamp (1915-1943) die als 23-jarige in 1938 als vrijwilliger gevochten heeft in de Spaanse Burgeroorlog en die daarover een indrukwekkend dagboek heeft geschreven.
De fotograaf, Evert de Jonge (1958), is een neef van Evert Ruivenkamp. Hij bezocht in 2026 de omgeving van de Ebro. In 1938 is er een bloedige strijd gevoerd waar zijn oom aan deelgenomen heeft. In zijn dagboek heeft hij er een indrukwekkend verslag over geschreven.
[door dubbelklikken op foto's worden zij groter getoond]
Carmen en haar twee zoons Baltasar en Mario wonen sinds hun geboorte in een boerderij in La Fatarella. Carmen is geboren in 1939, het laatste jaar van de Spaanse Burgeroorlog
14 april 1938:
Puin, brandlucht, gewonden, verminkten, de
stank van verbrand mensenvlees. Ook daar wen je aan. Je went
eraan, maar vergeten doe je het nooit meer. Bij Tarragona
verlaat de hele troep de trein en we gaan naar Vila Seca.
Een nacht slapen we onder de bomen. Bij het ontbijt een
handvol hazelnoten. Meer is er niet. Later misschien.
(dagboek Evert Ruivenkamp)
19 juni 1938:
Gisteravond waren we in Vilella Baja.
Heel omzichtig de weg mijdend zijn wij afgedaald.
Tussen bosjes en rotsblokken door bereikten we eindelijk ons doel.
Het is erg rustig in het dorpje. Hoogstens drie of vier gasten zijn daar aanwezig. We bestelden
koffie en cognac. Koffie, dat ging wel. Maar cognac was er niet. Erg overtuigend klonk
het niet. Ik veronderstelde dat het meer
voortkwam uit een verbod om sterke drank te verkopen aan militairen.
(dagboek Evert Ruivenkamp)
[door dubbelklikken op foto's worden zij groter getoond]
Flix
2 augustus 1938
Wij verlaten het kamp en gaan ook over de Ebro. Met drie vrachtwagens vertrekken we om zes uur 's avonds.
...Het gaat ons niet direct om grote terrein winst. Levante moet ontlast. Nu haalt Franco alles
naar de Ebro. Honderd, tweehonderd, driehonderd vliegtuigen komen over
per dag.
(dagboek Evert Ruivenkamp)
6 augustus:
We lagen dicht bij elkaar. Rondom spatten de bommen uit elkaar. Zo goed als we
konden drukten we ons tegen de grond aan. Tussen twee explosies door keek hij me aan, zei niets,
maar aan de ogen konden we elkaar verstaan. Het is bijna niet uit te houden.
We liggen hier om de mannen op te vangen die het voor niet meer uit zouden kunnen houden.
Zoals Franz het uitdrukte: 'Am Ende des Tages sind die Nerven kaputt und bist du fertig'.
(dagboek Evert Ruivenkamp)
Cova de Santa Llucia bij La Bisbal de Montsant. Deze grot werd in 1938 gebruikt als veldhospitaal voor Republikeinse gewonden. Er waren ongeveer 80 bedden en een operatiekamer.
Gandesa
17 augustus 1938:
Willy de Lathouder zal ik nooit meer zien. Theo vertelde dat hij bij de nabijheid van Gandesa is gevallen.
De een zegt met een schot in het hoofd, de ander, met een schot in zijn buik.
Hoe het zij, aan zijn leven is een eind. Het ergste is is er wel zijn vrouw aan toe met
een klein kindje dat nu bijna een half jaar moet zijn. Stuk voor stuk vallen zij.
Wanneer is het mijn beurt?
(dagboek Evert Ruivenkamp)
[door dubbelklikken op foto's worden zij groter getoond]
Dit is een deel van Memorial de les Camposines. De foto links, met sigaret, is Willy de Lathouder.
23 september 1938
Goddank, het is weer achter de rug en ik leef nog. Zo'n dag heb ik in al die tijd nog niet meegemaakt.
De resten lopen terug in de reservestelling. Elf man zijn er over van onze compagnie.
(dagboek Evert Ruivenkamp)
Volgens dorpsbewoners bevindt zich onder deze boomgaard in La Fatarella een massagraf uit de Spaanse Burgeroorlog.
Ebro dal dicht bij Gandesa in 2026.
Over Evert Ruivenkamp
Evert Ruivenkamp vertrok in maart 1938 uit Den Haag en trok te voet de Pyreneeën over om als 23-jarige internationale vrijwilliger mee te vechten met de democratisch gekozen Spaanse Republiek tegen de troepen van Franco, gesteund door het Duitsland van Hitler en het Italië van Mussolini. Zijn vuurdoop aan het front beleeft hij in de eerste week van augustus bij de slag aan de Ebro, de meest bloedige strijd van de Spaanse Burgeroorlog met 120.000 slachtoffers.
meer lezen over Evert RuivenkampIn 2019, tachtig jaar later, overleed Rosa, de tien jaar jongere zus van Evert. In haar nachtkastje werd een dagboek gevonden dat Evert in 1938 in Spanje had bijgehouden. Het is een overrompelend ooggetuigenverslag van de oorlog en geeft een heel persoonlijk beeld van wat Evert meegemaakt heeft.
Meer weten over dagboek
Over dit fotoproject
De fotograaf Evert de Jonge (1958) is de neef van Evert Ruivenkamp en de zoon van Roos Ruivenkamp. In 2019 vond hij het dagboek in het nachtkastje van zijn overleden moeder. Onder de indruk van dit verslag van zijn destijds 23-jarige oom maakte hij in 2026 een reis naar Catalonië om de omgeving te zien waar de Slag om de Ebro zich voltrokken heeft.
meer weten over het fotoprojectEvert Ruivenkamp vertrok in maart 1938 uit Den Haag en trok te voet de Pyreneeën over om als 23-jarige internationale vrijwilliger mee te vechten met de democratisch gekozen Spaanse Republiek tegen de troepen van Franco, gesteund door het Duitsland van Hitler en het Italië van Mussolini. Zijn vuurdoop aan het front beleeft hij in de eerste week van augustus bij de slag aan de Ebro, de meest bloedige strijd van de Spaanse Burgeroorlog met 120.000 slachtoffers.
Eind september 1938 besluit de leiding van de Republikeinse regering dat alle internationale strijders Spanje moeten verlaten. Evert keert terug naar Nederland. Evert overleeft de Spaanse Burgeroorlog, maar veel van zijn medestrijders en vrienden sneuvelen in de strijd. Eén van hen is Willy de Lathouder die in Spanje getrouwd is met Rosario, een jonge Spaanse vrouw die in 1937 als verpleegkundige voor Willy gezorgd had na een verwonding in de strijd en met wie hij een zoontje gekregen had. Na terugkomst in Nederland ging Evert met Rosario en haar zoontje samenwonen. Bij het begin van de tweede wereldoorlog nam hij deel aan het verzet tegen de Duitsers. Evert werd opgepakt na een aanslag die hij in 1942 gepleegd had en in 1943 werd hij op de Waalsdorpervlakte doodgeschoten.
terug naar fotoproject Terug naar de Slag om de Ebro
In 2019 , 80 jaar later, overleed Rosa, de 10-jaar jongere zus van Evert. In haar nachtkastje werd een dagboek gevonden dat Evert in 1938 in Spanje had bijgehouden. Op de eerste bladzijde schrijft hij ‘Mijn herinneringen uit het Spanje van 1936-’39 en daaronder het motto van de vrijheidsstrijd ‘Het is beter staand te sterven dan op je knieën door te leven’. Het is een overrompelend ooggetuigenverslag van de oorlog en geeft een heel persoonlijk beeld van hoe een 23-jarige jongen een avontuur in gaat, vrienden maakt en hoe hij steeds meer geconfronteerd wordt met de ellende van een door oorlog geteisterd volk.
terug naar site
De fotograaf Evert de Jonge (1958) is de neef van Evert Ruivenkamp en de zoon van Roos Ruivenkamp. In 2019 vond hij het dagboek in het nachtkastje van zijn overleden moeder. Hij maakte van de handgeschreven tekst een digitale transcriptie en maakte daar een boekje van in een zeer beperkte oplage voor naaste familieleden. Hij kwam in contact met Yvonne Scholten, een journalist en zeer actief in het vastleggen van de geschiedenis van Nederlanders in de Spaanse Burgeroorlog. Zij herkende de belangrijke historische betekenis van het dagboek en heeft het, voorzien van een voor- en nawoord waarin de context van de burgeroorlog verduidelijkt wordt, als boek laten uitgeven (Een Hollandse jongen aan de Ebro; Dagboek van een Spanjestrijder. 2022; Uitgeverij Jürgen Maas. ISBN 9789083210827).
In 2026 vertrok hij naar Catalonië om de omgeving te zien waar de slag aan de Ebro zich heeft voltrokken. In de tachtig jaar sinds de Spaanse Burgeroorlog is veel veranderd. De mensen die nu in Catalonie wonen hebben die oorlog niet zelf meegemaakt. Het landschap is sterk veranderd. De Ebro is door de grote hoeveelheid stuwdammen een rustige stroom geworden, het kale, ruige landschap van destijds is veranderd door heel veel aanplant van bomen. Toch zijn er ook heel veel verwijzingen naar wat destijds gebeurd is.
Deze website laat een verslag zien met een aantal plaatsen die Evert Ruivenkamp beschreven heeft in zijn dagboek.
terug naar site